Paprika’s zijn samen met de tomaat uit Zuid-Amerika ingevoerd door de Spanjaarden. De plant was lange tijd niet geliefd vanwege de zeer scherpe smaak. Sinds de negentiende eeuw is men er in gelukt om deze scherpte te verwijderen en werd de vrucht aanvaard als groente.
De groente paprika is dus een afleiding van de scherpe specerijpaprika. Daardoor spreekt men in het Frans nog steeds over “poivrons” en ook wij noemen ze nog wel eens “pepers”. In het Engels heten ze “bell-pepper”. Het gehalte aan pikantheid bij deze vruchten is herleid tot nul.
Variëteiten
- De meest gekende soort bij ons op de markt is de geblokte paprika. Bijna een kubusje. De kleur varieert tussen rood, oranje, geel, wit en paars. De groene zijn de onrijpe vruchten. Er bestaat niet veel verschil in smaak tussen de verschillend gekleurde paprika’s. De groene zijn uiteraard bitterder (want nog niet rijp
- Ramiro is de meest zoete paprika en puntvormig. Deze heeft ook een wat dunnere huid in vergelijking tot een gewone paprika. Consumenten hebben hierdoor geen last van de velletjes van de vrucht die bij het eten van gewone paprika’s voor oprispingen kunnen zorgen. Deze is verkrijgbaar in rood, geel of groen.
Bewaartips
- Niet in de koelkast bewaren, maar gewoon op een koele plek in huis (maximum 14°), dan kan je makkelijk 7 dagen bijhouden
Gezondheid
- Rode en gele paprika’s bevatten tweemaal zoveel vitamine C als groene, die onrijp zijn. Verder bevatten ze weinig caloriën en redelijk veel vezels en ijzer
Specerijen
- Naast de groentepaprika hebben we ontelbare paprikasoorten die een beetje pikant tot oneetbaar heet zijn. De minst pikante worden soms nog aanzien als groente, zoals de bleek groene Turkse paprika, de Hongaarse paprika wordt tot een vrij zacht smakend poeder verwerkt dat dus paprikapoeder genoemd wordt en wat we Spaanse peper of lombok of chilipeper noemen wordt bij de specerijen gerekend. Deze worden gemaakt van de pikante pepersoorten. Sommige van deze pepers zijn ook vers te koop en worden gebruikt als specerij. Doorgaans kan men stellen dat des te kleiner het vruchtje is, des te pikanter het ook zal smaken.
Met dank aan Fons Nicolay, het Nederlands Voedingscentrum en De Wassende Maan voor de achtergrondinformatie

